Rasbeschrijving pruimen

Opal

Gekweekt op het Statens Trädgardsförksöksinstitutet te Alnarp (Zweden). Onstaan uit een kruising die in 1925 werd gemaakt tussen ‘Early Favourite’ en ‘Reine Claude d’Oullins’. Geïntroduceerd in 1946.

Sinds eind jaren ’70 van de vorige eeuw behoort ‘Opal’ in Nederland tot de hoofdrassen voor de commerciële teelt.

‘Opal’ geeft tamelijk kleine tot middelgrote eironde vruchten (30-50 gram). De vruchten hebben een gele ondergrond met een roodpaarse tot blauwe dekkleur. De schil is matig bedauwd. Het vrij stevige sappige vruchtvlees heeft een uitstekende smaak, namelijk zoet met een ondertoon van zuren en een fijn aroma. De steen ligt los in het vruchtvlees. Rijpt omstreeks eind juli / begin augustus. Rijpe vruchten vallen snel van de boom.

De bomen groeien sterk met een half-opgerichte groeiwijze en een vrij lichtgroene bladkleur. De bomen van ‘Opal’ hebben de neiging om in de zomer veel langloten te maken, waardoor er behoefte aan zomersnoei bestaat. De bomen komen gewoonlijk al vanaf het derde groeijaar in productie en dragen daarna goed en regelmatig. De takken kunnen bij overvloedige vruchtdracht gemakkelijk uitscheuren, een kenmerk dat ‘Opal’ heeft geërfd van ‘Reine Claude d’Oullins’. De bomen van ‘Opal’ hebben echter geen last van verkalende takken, zoals de bomen van ‘Reine Claude d’Oullins’ dat wel hebben. De bloesems van ‘Opal’ bloeien middentijds en zijn zelfbestuivend. ‘Opal’ is ook een geschikte bestuiver voor diverse andere rassen.

‘Opal’ is niet bijzonder vatbaar voor ziekten en beschadigingen. Wel kunnen de vruchten in die tijd van het jaar gemakkelijk worden aangetast door wespenvraat.

Ondanks dat ‘Opal’ (net als andere rassen) natuurlijk ook een paar nadelen heeft, is dit een ras dat in geen enkele pruimencollectie mag ontbreken, vanwege de vroege rijping, de uitstekende smaak en de goede en betrouwbare productiviteit.

De boom in FruitLent is geënt op onderstam ‘St. Julien A‘ en is in het najaar van 2005 geplant. Deze droeg in 2008 voor het eerst vruchten.