Rasbeschrijving perziken

Avalon pride

Ook bekend als ‘Croft’.

Dit ras is omstreeks 1981 gevonden door Margaret J. Proud in Issaquah vlakbij Seattle (Washington State, Verenigde Staten) als een toevalszaailing in een composthoop. De zaailing viel haar op omdat de boom geen aantasting had door de krulziekte en ook overigens een gezonde indruk maakte. In 1986 heeft ze daarom een verzoek ingediend bij het Mount Vernon Research Station van de Washington State University (WSU) om de zaailing verder te testen. Enthout is vervolgens in 1990 op het Mount Vernon Research Station op een aantal onderstammen geënt en de selectie is daar in de opvolgende jaren beoordeeld. Gedurende de testperiode bleek steeds dat de selectie zeer weinig werd aangetast door de krulziekte. Omstreeks 2002 werd besloten om de selectie als nieuw ras te introduceren onder de naam ‘Croft’, doch deze is vervolgens met name bekend geworden onder de naam ‘Avalon Pride’, een verwijzing naar de locatie van Margaret’s huis waar het ras werd gevonden.

De bomen van ‘Avalon Pride’ bloeien met niet al te grote maar wel fraaie donkerroze bloesems. Na de bloei blijkt gewoonlijk dat er veel dubbele vruchtjes zijn gezet (twee vruchtjes uit één bloem). Dergelijke dubbele vruchtjes moeten bij de vruchtdunning worden verwijderd, of moeten voorzichtig handmatig op enkel worden gezet. De vruchten rijpen al vrij vroeg, omstreeks eind juli. Ze rijpen derhalve vroeger dan op veel andere plaatsen op internet wordt aangegeven. De vruchten zijn middelgroot tot groot, gemiddeld circa 200 gram per stuk (met uitschieter tot zo’n 300 gram) en hebben een gele basiskleur met een grote rode blos. Ze lijken qua uiterlijk veel op de die van het (wereld)beroemde ras ‘Red Haven’. Het lichtgeel gekleurde vruchtvlees is goed van smaak (zoet met matig sterk aroma) en kan soms iets aan de steen hechten. De schil is vrij dik maar smaakt niet bitter. In veel vruchten heeft de steen de neiging om te splijten, met beschimmeling van de kern tot gevolg. Meestal blijft het omringende vruchtvlees dan echter bruikbaar. De goede smaak wordt alleen bereikt indien de vruchten helemaal rijp zijn (dat wil zeggen: vruchtvlees zacht tot op de pit); in half-rijpe toestand is de smaak slechts matig.
De vruchten zijn met name geschikt voor verse consumptie. Alhoewel het bij ‘Avalon Pride’ gaat om een geelvlezige perzik, is het vruchtvlees niet zo stevig als bij veel andere (commerciële) geelvlezige perziken; daarom verwachten we dat de vruchten niet zo geschikt zullen zijn voor langere bewaring of transport.

De boom groeit krachtig met opvallend grote bladeren en een opgerichte groeiwijze. Hierdoor maakt de boom een erg robuuste indruk. De bladeren hebben geen bladklieren aan de basis.

Inmiddels is ons gebleken dat de boom van ‘Avalon Pride’ na de winter in de éénjarige scheuten afgestorven scheuttoppen en vlekken kunnen vertonen. Aanvankelijk meenden we dat dit het resultaat was van strenge wintervorst (na de strenge winters van 2012 en 2013). Echter, ook na de extreem zachte winter van 2014 doet dit verschijnsel zich voor, zodat een grotere vatbaarheid voor wintervorst kennelijk toch niet de oorzaak is. Ook op andere plaatsen hebben we dit verschijnsel bij ‘Avalon Pride’ waargenomen. Wat de oorzaak precies is, is ons tot nu toe niet bekend. Het lijkt er in ieder geval op dat dit een (negatief) kenmerk is van dit ras, want dit verschijnsel doet zich bij onze andere perzikbomen niet voor.

Volgens Amerikaanse en Engelse proefgegevens wordt het ras niet (of slechts zeer licht) door de krulziekte aangetast. Sinds de winter van 2008 / 2009 is een boom in FruitLent aanwezig. In het voorjaar van 2009 was op deze boom geen enkele aantasting door krulziekte te bespeuren. En in het voorjaar van 2010 en 2011 was nauwelijks aantasting door krulziekte te bespeuren, waardoor slechts enkele aangetaste blaadjes aanwezig waren. Ook in 2012 en 2013 was de aantasting door de krulziekte vrij gering. In alle genoemde jaren was de boom niet preventief tegen de krulziekte behandeld. Tot en met 2013 leek ‘Avalon Pride’ de verwachtingen ten aanzien van de krulziekteresistentie dus waar te maken. Echter, in het voorjaar van 2014 liet de resistentie ons voor het eerst een beetje in de steek. De aantasting was in het voorjaar van 2014 nog steeds duidelijk minder heftig dan bij vatbare rassen, doch er was naar onze mening wel een acceptatiedrempel overschreden.

Volgens Amerikaanse gegevens zou ‘Avalon Pride’ ook resistent zijn tegen bacteriekanker, doch dit is naar onze mening niet juist.

Onze conclusie: doordat de krulziekteresistentie onder Nederlandse omstandigheden in de meeste gevallen ruimschoots toereikend is en ook de smaak van de vruchten voldoende is, lijkt ‘Avalon Pride’ in beginsel een waardevol ras voor particuliere tuinen. Het ras heeft echter wel een paar serieuze aandachtspunten die je op de koop moet toenemen.

Van ‘Avalon Pride’ is sinds het winterseizoen 2008 / 2009 een boom in FruitLent aanwezig; deze is vervolgens in de zomer van 2009 uitgeplant op de definitieve plaats, ter vervanging van de gerooide boom van ‘Revita’. De boom is geënt op onderstam ‘St. Julien A‘ en droeg in 2010 voor het eerst vruchten.
In het voorjaar van 2016 is de boom van ‘Avalon Pride’ gaan kwijnen, waarschijnlijk als gevolg van in februari 2016 opgelopen vorstschade (na een zeer zachte winter, waardoor de knoppen in januari al in werking waren). Vervolgens is de boom in de loop van de zomer van 2016 dood gegaan, waardoor ‘Avalon Pride’ nu niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is. De vrij gekomen plaats is inmiddels ingenomen een boom van de Nectaplum ® ‘Spice Zee’.