Rasbeschrijving tomaten

Mountaineer Delight (West Virginia '17B) - rode vleestomaat

Dit ras stond aanvankelijk bekend als ‘West Virginia ’17B’ en werd ontwikkeld als mogelijke opvolger van het oudere ras ‘West Virginia ’63’ (elders op deze pagina). De oorspronkelijke ‘West Virginia ’63’ werd ontwikkeld onder leiding van Professor Dr. Mannon E. Gallegly (1923-) aan de West Virginia University (WVU) en werd vervolgens in 1963 geïntroduceerd, als onderdeel van de viering omtrent het 100-jarig bestaan van de universiteit (het introductiejaar verklaart de naamgeving ‘West Virginia ’63’). Professor Dr. Mannon E. Gallegly ging in 1986 formeel met pensioen. Dit neemt niet weg dat hij ook na zijn “pensioen” tot op zeer hoge leeftijd betrokken bleef bij het tomatenonderzoek op de West Virginia University en zo gebeurde het dat hij op 94-jarige leeftijd in samenwerking met de huidige onderzoeker Mahfuz Rahman (universitair docent en specialist in plantpathologie) in het voorjaar van 2017 twee nieuwe tomatenrassen introduceerde, dit keer ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van het Davis College of Agriculture, Natural Resources and Design. De timing van deze introducties was op initiatief van de decaan voor landbouw (Daniel J. Robison), die vooraf aan Callegly had gevraagd of het mogelijk zou zijn ter gelegenheid van dit 150-jarig bestaan een nieuw tomatenras uit te brengen.

De ontwikkeling van deze twee rassen begon in 2013, door het bestaande ras ‘West Virginia ’63’ te kruisen met ‘Iron Lady’ (een F1-hybride ras die in 2013 werd geïntroduceerd onder leiding van Martha Mutschler-Chu, professor van de Cornell University). Het doel van deze kruising was het combineren van de eigenschappen van de ‘West Virginia 63’ tomaat met resistentie tegen Septoria-bladvlekkenziekte (waarvoor ‘West Virginia ’63’ vatbaar blijkt).
Uit de populatie met F2-planten werden in de opvolgende jaren op basis van de gewenste eigenschappen diverse zaadvaste lijnen geselecteerd, met het doel één ervan te introduceren. Gedurende het selectieproces bleken er echter twee zaadvaste lijnen te zijn die beiden de moeite waard waren. Besloten is toen om deze in het voorjaar van 2017 beiden te introduceren met de aanvankelijke aanduidingen ‘West Virginia ’17A’ en ‘West Virginia ’17B’. Eind augustus 2017 werd de 17A hernoemd naar ‘Mountaineer Pride’ en de 17B werd hernoemd naar ‘Mountaineer Delight’.

(de keuze voor deze twee namen vinden wij overigens onhandig en verwarrend, want de namen lijken erg veel op ‘Mountain Pride’ en ‘Mountain Delight’, hetgeen twee andere rassen betreffen, afkomstig van de North Carolina State University)

Beide rassen zijn rode vleestomaten.

De ‘Mountaineer Pride’ is een kleinere vleestomaat met een stevige schil, waardoor deze beter geschikt is voor commercieel gebruik omdat deze gemakkelijker over grotere afstanden te transporteren is. Qua smaak wordt deze echter iets minder beoordeeld dan de ‘West Virginia ’63’ en de ‘Mountaineer Delight’. Ook blijkt de resistentie tegen Septoria-bladvlekkenziekte per saldo toch wat tegen te vallen. De eerste vruchten rijpen vrij laat. De productie is hoog.

De ‘Mountaineer Delight’ is een wat grotere vleestomaat met wat zachtere vruchten, maar wel een betere smaak. Daardoor is deze meer geschikt voor hobby-tuinders. De vruchten zijn zoeter dan van de ‘Mountaineer Pride’ en zelfs iets zoeter dan van de ‘West Virginia ’63’. Ook hier blijkt de resistentie tegen Septoria-bladvlekkenziekte per saldo toch wat tegen te vallen, maar is de resistentie wel duidelijk hoger dan bij de twee andere rassen. De eerste vruchten rijpen vrij laat, maar wel een paar dagen eerder dan van ‘Mountaineer ‘Pride’. De productie is tamelijk goed, maar iets lager dan van ‘Mountaineer Pride’. De vruchten hebben een prachtige rode interne kleur.

Uiteindelijk blijkt het aanvankelijke doel (resistentie tegen Septoria-bladvlekkenziekte) dus niet helemaal behaald. Bij nader inzien komt dit om dat in het ras ‘Iron Lady’, welke werd gebruikt als bron voor de Septoria-resistentie, deze resistentie in een onvoldoende hoog niveau aanwezig was.

Naast de (middelmatige) resistentie tegen Septoria-bladvlekkenziekte, hebben deze rassen ook resistentie tegen:
– verwelkingsziekte (Verticillium albo-atrum en Verticillium dahliae)
Fusarium-vaatziekte (Fusarium oxysporum f.sp. lycopersici, fysio 1)
– aardappelziekte (Phytophthora infestans).
Het is niet gepubliceerd op welke genen de resistentie tegen de aardappelziekte is gebaseerd. Vermoedelijk zal de resistentie in ieder geval gebaseerd zijn op homozygoot ‘Ph-2‘, al dan niet aangevuld met andere genen.
Lees hier meer over aardappelziekteresistentie bij tomaat.
Indien de resistentie alleen op het Ph-2 gen gebaseerd is, zal deze alleen bruikbaar  zijn op plaatsen waar dit gen nog werkzaam is.

De planten van beide rassen groeien als een stamtomaat, zodat de dieven die worden gevormd moeten worden weggenomen.

Zaden van ‘Mountaineer Delight’ zijn al in de collectie van FruitLent aanwezig, maar het ras moet nog in een nader te bepalen seizoen worden getest (waarschijnlijk in 2021).