Rasbeschrijving Japanse pruimen

Friar

‘Friar’ is in 1957 gevonden door de heer Dr. John. H. Weinberger (1907-2000) van het Horticultural Crops Research Laboratory in Fresno (Californië) uit een kruising van ‘Gaviota’ x ‘Nubiana’. ‘Friar’ werd in 1968 geïntroduceerd en is inmiddels in de teeltgebieden van Japanse pruim een belangrijk commerciëel ras geworden.

De vruchten van ‘Friar’ zijn middelgroot en donkerblauw van kleur. De schil is voorzien van een waslaag, doch de geïmporteerde vruchten die u in de winkel aantreft zijn over het algemeen opgepoetst en zien er daardoor glanzend uit. Het amberkleurige vruchtvlees is tamelijk stevig en heeft een verhoudingsgewijs kleine steen. De vruchten rijpen circa een maand na ‘Santa Rosa’, in Nederland derhalve omstreeks medio augustus. De vruchten van ‘Frair’ smaken goed indien ze aan de boom zijn gerijpt. De vruchten die u in de winkel aantreft, zijn vaak te onrijp geoogst en smaken dan op zijn hoogst redelijk.

De bloesems bloeien vroeg en zijn zelfbestuivend, al zal de vruchtzetting verbeteren bij kruisbestuiving (bijvoorbeeld door ‘Santa Rosa’). De S-allel combinatie van ‘Friar’ is ShSk.

‘Friar’ is in FruitLent niet aanwezig als zelfstandige boom, doch door middel van de chip-budding techniek is in september 2008 een tak van ‘Friar’ geënt op de aanwezige boom van ‘Santa Rosa’. Het doel hiervan is om de bestuiving van de Japanse pruimen en Pluots ® verder te optimaliseren. De eerste vruchten van ‘Friar’ zijn in 2011 geoogst. Toen de boom van ‘Santa Rosa’ in het voorjaar van 2012 werd verwijderd, is daarmee automatisch ook de ‘Friar’ verwijderd.