Rasbeschrijving aalbessen

Aalbessen

De aalbes wordt meestal tot de botanische soort Ribes rubrum gerekend, doch de meeste cultuurrassen zijn in werkelijkheid ontstaan uit soortkruisingen tussen Ribes multiflorumRibes petraeum en Ribes rubrum. De gecultiveerde aalbessen worden ook wel aangeduid als Ribes sativum (sativum betekent gecultiveerd).

De wetenschappelijke geslachtsnaam Ribes is waarschijnlijk afgeleid van het Arabische woord “ribas”, wat zo veel betekent als “zuur smakende plant”.

De aalbes wordt in het Nederlandse spraakgebruik al naar gelang de kleur van de bessen onderverdeeld in rode bessen, witte bessen en roze bessen (deze laatste zijn zeldzaam). In botanisch opzicht bestaat er echter geen enkel verschil tussen rode, witte en roze bessen. De zwarte bes wijkt wel af van de aalbes; deze behoort namelijk tot een andere botanische soort met de naam Ribes nigrum.

In FruitLent staan enkele aalbessenstruikjes, welke in enkelvoudige spil of op stam worden opgekweekt. Er is in FruitLent ervaring opgedaan met de navolgende rassen:

Red Lake‘: Dit ras is afkomstig is van de Agricultural Experiment Station van de University of Minnesota (Verenigde Staten) en is in 1933 geïntroduceerd. Het ras rijpt middentijds en geeft een redelijke productie aan lange los gevormde trossen met grote rode bessen. De bessen vallen ten opzichte van andere rassen op door de opvallend zoete smaak. Daardoor wordt ‘Red Lake’ ook wel gewaardeerd door mensen die andere bessen niet aangenaam vinden. Uit onderzoek is gebleken dat niet een hoge concentratie aan vruchtensuikers de oorzaak is voor de zoete smaak, maar juist het lage gehalte aan zuren. Helaas is het ras wat vatbaarder voor de Amerikaanse kruisbessenmeeldauw (Spaerotheca mors-uvae). Het ras wordt commerciëel niet of nauwelijks meer geteeld, maar is voor particuliere tuinen waardevol vanwege de zeer goede smaak.
Onze struik van ‘Red Lake’ wilde in het voorjaar van 2015 niet meer uitlopen, zodat dit ras sinds dat moment niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig.

Albatros‘: Dit is een witte bessenras welke afkomstig is van de Texelse kleinfruitteler Leen Huisman uit Den Burg. Het ras is onstaan in 1975 en is in 1990 geïntroduceerd. In de beginjaren werd dit ras ook wel ‘Witte van Huisman’ genoemd. Dit ras is als toevalszaailing ontstaan in een aanplant van ‘Red Lake’. Het ras lijkt daarom in alle opzichten op ‘Red Lake’, met dien verstande dat de bessen en de trossen iets kleiner zijn dan van het moederras, doch wel groter dan van de ouderwetse witte bessenrassen (zoals ‘Witte Parel’). Net als ‘Red Lake’ heeft ook ‘Albatros’ een heel goede smaak en is deze ook wat vatbaarder voor de Amerikaanse kruisbessenmeeldauw. Door de zeer goede smaak waardevol voor particuliere tuinen.
Het struikje van ‘Albatros’ is in de zomer van 2011 abusievelijk omgereden met de maaimachine, doch in november 2015 is een nieuwe geplant, waardoor vanaf dat moment weer een struikje van ‘Albatros’ in de collectie van FruitLent aanwezig is.

Gloire des Sablons‘: Dit ras is een roze bes van Franse herkomst (1854). Het ras rijpt tamelijk vroeg tot middentijds en geeft een goede opbrengst met middellange trossen met tamelijk grote lichtroze doorschijnende bessen met een laag zuurgehalte. Net als de twee bovenomschreven rassen smaken de bessen zeer goed.
Roze bessen zijn een zeldzame verschijning: omdat er van de zijde van consumenten weinig belangstelling is voor dergelijke vaalroze bessen, worden ze beroepsmatig (vrijwel) niet geteeld. Het is derhalve een echte liefhebbersplant.

Red Poll‘: Dit ras is ontwikkeld door Horticultural Research International in Warwick (Verenigd Koninkrijk) uit een kruising van ‘Red Lake’ met een selectie welke is onstaan uit Ribes longeracemus x Ribes multiflorum. Het ras valt op door de extreem lange trossen. Met name bij jonge struiken zijn de trossen zeer lang (40 tot 60 bessen per tros, ofwel 15 tot 20 cm lang), maar ook aan het oudere hout worden nog redelijk lange trossen gevormd. De tamelijk donkerrode bessen rijpen laat en hebben een zure smaak. Het ras is weinig gevoelig voor bloem- en vruchtrui. ‘Red Poll’ is resistent tegen bladvalziekte, maar in de eerste groeijaren enigszins vatbaar voor meeldauw op de jonge scheuten. In het najaar van 2015 is ‘Red Poll’ uit de collectie van FruitLent verwijderd.

Jonkheer van Tets‘: Dit ras is omstreeks 1931 geselecteerd uit een kruising tussen ‘Fay’s Prolific’ en een onbekend ras, door de heer J. Maarse uit Schellinkhout (een bekende Nederlandse bessenveredelaar). Nadat het ras in 1941 was geïntroduceerd, werd ‘Jonkheer van Tets’ zowel in binnen- als buitenland één van de belangrijkere rassen. Dit komt omdat het ras van alle bruikbare rassen het vroegst rijpt, namelijk al eind juni tot begin juli. Ook vandaag de dag heeft dit ras zijn waarde daardoor nog steeds weten te behouden. Goede opbrengst met tamelijk lange trossen met tamelijk grote mooie helderrode bessen. De bessen zijn matig stevig (tamelijk teer) en hebben een vrij goede smaak en aroma. Geschikt voor verse consumptie en voor verwerking; na verwerking goede sapkleur. Redelijke plukbaarheid. Beperkte bewaarbaarheid. Helaas zijn de bessen regengevoelig. De struiken groeien krachtig met stevige opgaande takken, bloeien vroeg en zijn matig vatbaar voor bladvalziekte.

Rolan‘: Dit ras werd op het Centrum voor Plantenveredelings- en Reproductieonderzoek (CPRO) te Wageningen in 1969 geselecteerd uit een kruising tussen de rassen ‘Jonkheer van Tets’ en ‘Rosetta’ en werd vervolgens in 1981 geïntroduceerd. Dit is een sterk groeiend ras met een goede productiviteit en een middentijdse rijptijd (medio tot eind juli). Geeft lange tot zeer lange trossen met tamelijk stevige grote lichtrode bessen die een goede licht zure smaak hebben. Geschikt voor verse consumptie. De plukbaarheid van de trossen is tamelijk goed. Matige regengevoeligheid. De struiken groeien krachtig, opgaand, bloeien laat en zijn tamelijk vatbaar voor bladvalziekte. Ondanks dat ‘Rolan’ vanwege de goede smaak voor de hobbytuinder een goed ras is, wordt deze beroepsmatig niet veel geteeld vanwege de lichtere kleur van de bessen.

Zitavia‘: Dit witte bessenras is als toevalszaailing gevonden door de heer J. Hampel in Zittau (destijds DDR) en is sinds 1976 in de handel. De struiken van ‘Zitavia’ groeien sterk, zijn goed productief, geven zeer lange trossen met tamelijk grote gele bessen met een goede smaak. De bloei valt zeer vroeg, verloopt onregelmatig en duurt lang. De trossen zijn soms niet goed gevuld door vruchtrui in het midden van de tros. De bessen rijpen al zeer vroeg in het seizoen: ongeveer gelijk met die van het bekende zeer vroeg rijpende rode bessenras ‘Jonkheer van Tets’. ‘Zitavia’ is tamelijk vatbaar voor bladvalziekte, doch weinig vatbaar voor meeldauw en bloedblaarluizen.

Jola‘: Op de markt gebracht door Häberli Fruchtpflanzen AG in Neukirch-Egnach (Zwitserland). Laat tot zeer laat rijpend ras met zeer lange los gevormde trossen met grote donkerrode bessen. Rijpe bessen zijn lang houdbaar aan de struik. De trossen plukken gemakkelijk door de lange trossteel. De bessen hebben een krachtig aroma en een relatief laag zuurgehalte en smaken daardoor behoorlijk goed. Helaas vallen de pitten wel behoorlijk op. De struiken groeien sterk en rechtop en zijn zeer productief. Weinig gevoelig voor vruchtrui en weinig vatbaar voor bladvalziekte.

Telake‘: In 1991 geselecteerd door Josef Kiefer van Baumschule Kiefer in Ortenberg (Duitsland), uit een kruising van ‘Jonkheer van Tets’ en ‘Red Lake’ (zie de keuze van de rasnaam). Vervolgens omstreeks 2003 in de handel gebracht door Häberli Fruchtpflanzen AG in Neukirch-Egnach (Zwitserland).
‘Telake’ rijpt vroeg, namelijk 5 tot 7 dagen na het bekende zeer vroeg rijpende ras ‘Jonkheer van Tets’ en nog vóór ‘Red Lake’. Lange trossen met een relatief lange steel. Grote helderrode stevige bessen. Weinig gevoelig voor vruchtrui en weinig gevoelig voor barsten bij regen. Zeer goede smaak, als gevolg van een laag zuurgehalte. De struiken hebben een open groeiwijze en lopen vroeg uit, met een middellate bloei. Hoge opbrengst.
Onze struik van ‘Telake’ wilde in het voorjaar van 2020 niet meer uitlopen, zodat dit ras sinds dat moment niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is. 

Detvan‘: Dit ras is afkomstig van het Research Institute of Fruit and Decorative Trees (RIFDT) in Bojnice (destijds Tsjechoslowakije, nu Slowakije) en is in 1985 geselecteerd uit een kruising van ‘Jonkheer van Tets’ met ‘Heinemann’s Rote Spätlese’. Rijpt middentijds. Middelgrote tot grote uniforme donkerrode stevige bessen aan lange tot zeer lange dunne trossen. Rijpe bessen zijn lang houdbaar aan de struik. De trossen hebben lange stelen en plukken daardoor gemakkelijk. Aromatische maar wat zurige smaak. Zeer sterke groeikracht, wat breed uitgroeiend, grote bladeren. Houdt van langere snoei. Gemiddelde tot sterke gevoeligheid voor vruchtrui. Weinig gevoelig voor barsten bij regen. Weinig vatbaar voor meeldauw. Aanvang productie wat later, daarna hoge en stabiele opbrengsten.
Onze struik van ‘Detvan’ wilde in het voorjaar van 2020 niet meer uitlopen, zodat dit ras sinds dat moment niet meer in de collectie van FruitLent aanwezig is.

Jules‘: Dit is een roze bessenras die in 1993 werd gevonden als een sport in een partij stekken van het Nederlandse rode bessenras ‘Rotet’. De afwijkende stek werd in België gevonden door een zekere Jules die de stekken van ‘Rotet’ had ontvangen van Marc Geens (Kruisbessen Proeftuin te Zomergem, België). Eén van de stekken bleek bessen in een afwijkende kleur te geven. De stek werd daarom aan Marc Geens teruggegeven, die deze vervolgens verder heeft vermeerderd en als ‘Jules’ in de handel heeft gebracht. Deze naam verwijst derhalve naar de ontdekker ervan.
Het ras rijpt in juli en geeft lange trossen die los bezet zijn met grote lichtroze doorschijnende bessen. Niet alle bessen verkleuren egaal roze, aangezien sommige bessen van dichtbij donkerder stippen kunnen vertonen. De smaak staat te boek als mild, aromatisch, met een laag zuurgehalte. De smaak zou daardoor heel goed zijn en zou daarmee ook afwijken van ‘Rotet’, waarvan de bessen behoorlijk zuur kunnen zijn.
Mogelijk dat het bij ‘Jules’ gaat om een chimaere; dit gelet op de donkerder stippen op sommige van de bessen, en ook gelet op het feit dat het soms voor kan komen dat een deel van de struik terugsport naar de oorspronkelijke rode kleur.
Roze bessen zijn een zeldzame verschijning: omdat er van de zijde van consumenten weinig belangstelling is voor dergelijke vaalroze bessen, worden ze beroepsmatig (vrijwel) niet geteeld. Het is derhalve een echte liefhebbersplant.